Maatschapscontract


OVEREENKOMST VAN MAATSCHAP RED CABS & PARTNERS

 

De ondergetekenden:

 

  1. de heer N.K. Ankomah, geboren op 10 april 1973 te Accra (Ghana), wonende Trommelstraat 92, 1312 WH te Almere, hierna ‘Ankomah’,

 

  1. de heer P.-E.C.E. Groen, geboren op 26 november 1987 te Amsterdam, wonende Voorthuizenstraat 83, 1106 DJ te Amsterdam, hierna te noemen ‘Groen’,

 

en

 

  1. de heer F. Ahmed, geboren op 17 april 1986 te Accra (Ghana), wonende Fridtjof Nansenhof 5-H,1056 AN te Amsterdam, hierna ‘ Ahmed’,

Ankomah, Groen en Ahmed hierna gezamenlijk te noemen “het bestuur” 

 

en

 

 

hierna te noemen maat 4

Hierna gezamenlijk te noemen ”maten”

 

in aanmerking nemend dat:

  • de maten samen willen gaan werken en met ingang van 1 april 2018 voor gezamenlijke rekening en risico een taxibedrijf in Amsterdam willen uitoefenen;
  • de maten hierom een samenwerkingsverband willen aangaan met andere bestuurders van een taxivoertuig;
  • de bestuurders voor het uitoefenen van het taxibedrijf bedrijfsmiddelen nodig hebben (waaronder vervoermiddelen en een taxivergunning);
  • de maatschap op haar naam een taxivergunning heeft waar maat 4 ook gebruik van wenst te maken
  • deze maatschap zich zal inspannen om er voor te zorgen dat maat 4 de beschikking krijgt over een taxivoertuig middels bemiddeling met de besloten vennootschap MRC BV (gevestigd te Amsterdam, Voorthuizenstraat 83 (1106 DJ) ingeschreven in de kamer van koophandel onder nummer 72860901 ;
  • deze maatschap zich zal inspannen om de administratieve afwikkeling voor wat betreft de BTW, de uitbetaling van de omzet en de verrekening van de kosten van de maten, zoveel mogelijk uit handen van de maten te nemen,

 

komen het volgende overeen.

 

Artikel 1. Naam en doel

  1. De maatschap draagt de naam Maatschap Red Cabs & Partners, handelend onder de naam Red Cabs.
  2. De maatschap heeft ten doel het gebruik van de benodigde bedrijfsmiddelen voor het uitoefenen van het taxibedrijf te regelen alsmede ondersteuning te bieden op administratief gebied, voor wat betreft de BTW, de uitbetaling van de omzet en de verrekening van de op de omzet drukkende kosten.

 

Artikel 2. Plaats van vestiging

De maatschap is gevestigd te Amsterdam.

 

Artikel 3. Tijdsduur

  1. De maatschap is ingegaan per 03 - 05 - 2018 en is door partijen aangegaan voor onbepaalde tijd.

 

Artikel 4. Toetreding en opzegging maatschap

1. Met toestemming van het bestuur kunnen maten worden toegevoegd. De toevoeging van de maten betekent dat de maat een kopie krijgt van deze maatschapsakte en deze voorziet van zijn handtekening en paraaf. Een kopie van de door de nieuwe maat getekende versie wordt toegevoegd aan deze maatschapakte.

 

  1. Ieder van de maten heeft het recht zijn deelname aan de maatschap door opzegging te beëindigen. Dit dient te geschieden bij aangetekende brief of bij deurwaardersexploot aan de andere maten, met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden en niet anders dan tegen het einde van een kalendermaand.
  2. Bij de toetreding tekent maat 4 het formulier van de kamer van koophandel waarbij hij zijn toetreding tot de maatschap kenbaar maakt. Tevens tekent de maat het formulier waarbij hij zijn uittreding kenbaar maakt. Dit laatste formulier wordt NIET voorzien van een datum en wordt NIET eerder ingestuurd dan nadat zich een omstandigheid als genoemd in artikel 13 (Einde van de maatschap )heeft voorgedaan. Het bestuur heeft dan het recht om het formulier, voorzien van de datum waarop zich de omstandigheid heeft voorgedaan, te sturen naar de Kamer van Koophandel.

 

Artikel 5. Inbreng

  1. Iedere maat betaalt een bedrag van € 127,05 (zegge honderdenzevenentwintig euro en vijf eurocent)  exclusief BTW na toetreding tot de maatschap. Iedere maat betaalt wekelijks een bedrag van € 35 (zegge vijfendertig euro) exclusief BTW na toetreding tot de maatschap. 

Voor dit bedrag regelt de maatschap dat de BTW van de maatschap, de uitbetaling van de omzet aan maat 4 en de verrekening van de op de omzet drukkende kosten voor rekening van maat 4 plaats vindt.

  1. In onderling overleg kan ieder van de maten meer gelden en/of goederen inbrengen. Ieder der maten wordt voor zijn inbreng in geld of goederen gecrediteerd op zijn kapitaalrekening ten belopen van het ingebrachte bedrag of de waarde van de betreffende goederen.
  2. De maatschap houdt voor ieder der maten een rekening in haar boeken aan onder de naam ‘kapitaalrekening’. Op de kapitaalrekening wordt bijgehouden wat elke maat heeft betaald en welk bedrag hiervoor gebruikt is voor de vergoeding voor het gebruik van de benodigde bedrijfsmiddelen en de administratieve dienstverlening.
  3. Als de weekomzet niet toereikend is om het wekelijkse bedrag van € 35 (excl. BTW) te kunnen betalen, zal het bestuur de voorkomende situaties de maat digitaal of op papier een waarschuwing sturen. Op het bedrag van € 127,05 als genoemd in artikel 5 lid 1 eerste zin, wordt twee dagen na de waarschuwing het wekelijkse bedrag vervolgens afgeboekt. De maat ontvangt maximaal drie waarschuwingen achter elkaar.

 

Artikel 6. Verbod van nevenwerkzaamheden en non-concurrentiebeding 

  1. Geen van de maten mag tijdens het bestaan van de maatschap zonder schriftelijke toestemming van zijn medemaat, alleen of met anderen een soortgelijk bedrijf of beroep uitoefenen of daarbij geldelijk of in welke vorm dan ook rechtstreeks of zijdelings betrokken zijn, waarbij gebruik gemaakt wordt van de bedrijfsmiddelen die door de maatschap voor de uitoefening van haar doel ter beschikking worden gesteld.
  2. Indien een maat zijn deelname aan de maatschap beëindigt en de onderneming van de maatschap door de andere maat wordt voortgezet, is het de uittredende maat, zonder schriftelijke toestemming van de andere maat, verboden direct of indirect, al dan niet in samenwerking met derden, deel te nemen in, werkzaam te zijn bij of op andere wijze betrokken te zijn bij een soortgelijke onderneming als die der maatschap anders dan de door Ankomah, Groen en Ahmed reeds uitgeoefende maatschap. Dit verbod geldt gedurende 1 jaar na de beëindiging van de maatschap en is van toepassing binnen de woonplaats van de maat en in een gebied van 20 kilometer daarbuiten.
  3. De maat, die in strijd handelt met het bepaalde in de voorgaande leden van dit artikel, verbeurt voor elke overtreding, zonder dat sommatie of ingebrekestelling vereist is, aan de andere maat een zonder rechterlijke tussenkomst een onmiddellijk opeisbare boete van € 5.000, vermeerderd met € 1.000,-- voor elke dag dat zulke overtreding voortduurt, zulks onverminderd de overige rechten van de andere maat, waaronder doch niet beperkt tot het recht op vergoeding van schade die het uitgekeerde boetebedrag mocht overtreffen.

 

Artikel 7. Verboden handelingen

  1. Het is ieder van de maten verboden om tijdens de duur van de maatschap zonder schriftelijke toestemming van de andere maat zich voor eigen rekening als borg of als hoofdelijk medeschuldenaar te verbinden of zich op enigerlei wijze voor anderen sterk te maken, of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde te verbinden, dan wel overeenkomsten aan te gaan die tot dezelfde gevolgen kunnen leiden.
  2. Het is aan ieder der maten verboden zijn aandeel in de maatschap geheel of gedeeltelijk aan derden te vervreemden en/of te bezwaren zonder toestemming van het bestuur.

 

Artikel 8. Bestuur

  1. Ankomah, Groen en Ahmed zullen tezamen de directie over de maatschap voeren.  Het bestuur dient tenminste te bestaan uit drie maten.
  2. Uitsluitend de bestuursleden zijn gezamenlijk bevoegd voor de maatschap te handelen en te tekenen, gelden en goederen voor haar te ontvangen of uit te geven, de maatschap aan derden en derden aan de maatschap te verbinden, mits voorgaande geschiedt in het kader van de normale bedrijfsuitoefening en doel van de maatschap.
  3. De bestuursleden zijn gezamenlijk bevoegd, de medewerking van alle maten is derhalve vereist, tot het nemen van de navolgende besluiten:
  4. het verkrijgen, vervreemden, bezwaren van onroerende zaken en het aangaan, wijzigen of beëindigen van huurovereenkomsten ter zake van onroerende zaken, machines en installaties;
  5. het verkrijgen of vervreemden van bedrijfsmiddelen waarvan de aanschafprijs in meerdere jaren pleegt te worden afgeschreven;
  6. het aangaan van geldleningen en kredietovereenkomsten ten laste van de maatschap, waaronder niet begrepen het opnemen van gelden bij de bankier van de maatschap tot een maximum van € 500,--;
  7. het verlenen van persoonlijke of zakelijke zekerheid voor de verplichtingen van derden, hetzij door borgtocht, hetzij op andere wijze;
  8. het doen van speculaties, het voeren van rechtsgedingen (met uitzondering van rechtsmaatregelen die geen uitstel kunnen lijden zoals korte gedingen en conservatoire beslagen), het berusten in tegen de maatschap aanhangig gemaakte rechtsvorderingen, het aangaan van dadingen, compromissen of akkoorden en het opdragen van de beslechting van geschillen met derden aan scheidslieden;
  9. het aannemen en ontslaan van personeel, behoudens indien het ontslag geschiedt om dringende reden als bedoeld in artikel 7:678 Burgerlijk Wetboek, alsmede het wijzigen van arbeidsovereenkomsten;
  10. het verlenen, wijzigen of intrekken van een procuratie (volmacht), 
  11. het deelnemen in andere ondernemingen;
  12. het ondernemen van zaken die buiten het doel van de maatschap vallen;
  13. in het algemeen het aangaan van verbintenissen voor de maatschap welk een bedrag of waarde van € 1.000,-- te boven gaan of waardoor de maatschap voor langere tijd dan één jaar zou worden verbonden, met dien verstande dat verbintenissen met dezelfde wederpartij binnen een aaneengesloten periode van zes maanden aangegaan, als één verbintenis worden beschouwd.
  14. Aan de limieten als gesteld in dit artikel, kan geen afbreuk worden gedaan door splitsing van overeenkomsten, bedragen of handelingen, met dien verstande dat bijeen behorende overeenkomsten, bedragen of handelingen, als een geheel worden beschouwd.
  15. De bestuursleden zullen de verdeling van de werkzaamheden en de interne organisatie in onderling overleg regelen. Zij verbinden zich jegens elkaar om geen handelingen te verrichten waarvoor de medewerking van een ander bestuurslid is vereist en waartegen één van hen zich uitdrukkelijk heeft verzet.
  16. Wordt de verboden handeling als bedoeld in lid 5 van dit artikel toch door één van de bestuursleden verricht, dan kunnen de andere bestuursleden tegen deze handeling verzet aantekenen. Zij zullen dit verzet dan bij aangetekend schrijven aan hun medematen te kennen moeten geven, in ieder geval binnen twee weken nadat zij van enige handeling of voornemen waartegen zij verzet willen aantekenen, kennis hebben genomen.
  17. Wanneer de maat, tegen wiens voornemen of handeling verzet is aangetekend, van oordeel is dat bedoelde handeling toch doorgang moet vinden, dan geschiedt dit geheel voor zijn risico, in dier voege dat de uit de handeling voortvloeiende winsten ten bate van de maatschap komen, terwijl eventuele verliezen uitsluitend door de betrokken maat zullen worden gedragen.
  18. Tenminste eenmaal per jaar, in elk geval tijdens de bespreking van de jaarstukken van de maatschap, treden de maten met elkaar in overleg over de volgende onderwerpen:
  •  hoogte van de vergoeding die door alle maten wordt betaald voor het doel van de maatschap
  •  invulling van de te verlenen diensten

De maten streven er naar om de uitkomsten van hun jaarlijks overleg telkens schriftelijk vast te leggen, dit ter voorkoming van misverstanden en onduidelijkheden over de gemaakte afspraken.

 

Artikel 9. Boekjaar en jaarrekening

  1. Het boekjaar loopt vanaf de datum van aanvang van de maatschap, 1 april 2018, tot en met 31 december van dit jaar en vervolgens steeds van 1 januari tot en met 31 december van elk jaar.
  2. De financiële gang van zaken binnen de maatschap zal blijken uit een boekhouding. De boekhouding zal voldoen aan de eisen die in het maatschappelijk verkeer daaraan plegen te worden gesteld.
  3. Na afloop van elk boekjaar, bij toe- of uittreding van een maat, bij het einde van de maatschap in de loop van het boekjaar en voorts in alle overige gevallen waarin goed koopmansgebruik dit vordert, worden de boeken van de maatschap afgesloten en worden daaruit binnen vijf maanden nadien een balans en winst- en verliesrekening opgemaakt. De vaststelling van deze balans en winst- en verliesrekening dient te geschieden met inachtneming van de normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd. Deze balans en winst- en verliesrekening worden als bewijs van hun goedkeuring en van wederzijds decharge, door het bestuur ondertekend binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, respectievelijk binnen drie maanden beëindiging van de maatschap.
  4. Ieder van de maten heeft recht op een afschrift van de balans en winst- en verliesrekening, door de bestuursleden voor kopie conform ondertekend.
  5. Indien een bestuurslid gedurende een termijn van één maand, nadat hij daartoe door de andere bestuursleden schriftelijk is aangemaand, in gebreke is gebleven, de in lid 3 bedoelde ondertekening te verrichten, zal de ondertekening door de andere bestuursleden (meerderheid) voor alle maten bindend zijn, tenzij hij binnen voornoemde termijn zijn bezwaren aan de andere bestuursleden schriftelijk en gemotiveerd kenbaar heeft gemaakt.
  6. Worden, nadat een bestuurslid binnen de genoemde termijn van één maand zijn bezwaren tegen de jaarrekening aan de andere maat heeft medegedeeld, de maten het daarover niet eens, dan wordt dit geschil beslist overeenkomstig het bepaalde in artikel 17 (Geschillen) van deze overeenkomst.

 

Artikel 10. Winstverdeling

De maatschap heeft niet ten doel winst te draaien. De door de maten te betalen periodieke betaling dient om het gebruik van de benodigde bedrijfsmiddelen te bekostigen. De opbrengsten die elk van de maten behaald met het uitoefenen van het chauffeursvak wordt door de maten zelf bijgehouden en valt buiten de opbrengsten van deze maatschap. De hieruit te betalen belasting zal ook door iedere maat zelf worden afgedragen in zijn eigen aangifte inkomstenbelasting.

Bovenstaande betekent dan ook dat deze maatschap niet meer aan vermogen heeft voor ieder der vennoten dan de periodieke inbreng na aftrek van de doorbetaalde kosten voor het gebruik van bedrijfsmiddelen.

 

Artikel 11. Privéopnamen

Doordat deze maatschap alleen een kapitaal per maat als vermogen heeft staan (zie artikel 9), zal er geen mogelijkheid zijn om tot privé-opnamen over te gaan, tenzij er sprake is van uittreding.

 

Artikel 12. Arbeidsongeschiktheid

Mocht een maat door arbeidsongeschiktheid niet langer het ter beschikking gestelde bedrijfsmiddel kunnen gebruiken, dan zal de maat het bedrijfsmiddel inleveren. Hij/zij zal dan verplicht zijn zijn/haar deelname in de maatschap op te zeggen.

 

Artikel 13. Einde van de maatschap

  1. De maatschap eindigt in geval van:
    a. overlijden van een maat;
  2. opzegging door een maat als omschreven in artikel 4 (Toetreding);
  3. faillietverklaring van een maat of verlening van surseance van betaling aan een maat, toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling op een maat, ondercuratelestelling van een maat of benoeming van een bewindvoerder krachtens enige wetsbepaling voor een maat, dan wel ingeval een maat om enigerlei andere reden het vrije beheer over zijn vermogen heeft verloren, conservatoir beslag daaronder niet begrepen;
  4. bij arbeidsongeschiktheid zie artikel 12 (Arbeidsongeschiktheid);
  5. de situatie waarin het bestuur na drie aanmaningen de wekelijkse betaling van het bedrag als genoemd in artikel 5 niet heeft ontvangen en het verschuldigde, wekelijkse bedrag van  € 35  door het bestuur verrekend moest worden met het aanwezige tegoed van de maat bij de maatschap; 
  6. overtreding van artikel 6 (Verbod van nevenwerkzaamheden en non-concurrentiebeding);
  7. het bestuur daartoe in onderling overleg besluit doordat er zich een bijzondere situatie voordoet waarbij de handel en  wandel van de maat niet past bij de bedrijfsvoering van de maatschap. Dit besluit moet schriftelijk worden vastgelegd en door alle bestuursleden worden ondertekend.
  8. Bij het eindigen van de maatschap is iedere maat in het vermogen van de maatschap gerechtigd tot – of is aan de maatschap verschuldigd – het saldo van zijn kapitaalrekening, balans. 
  9. De slotbalans en de winst- en verliesrekening, waaruit de aandelen van de maten kunnen worden afgeleid, worden opgemaakt met inachtneming van de normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd.
  10. Het bestuur stelt de Kamer van Koophandel op de hoogte van de uittreding van maat 4 door het doorsturen van de benodigde formulieren.

 

Artikel 14. Voortzetting, overname en verblijven

  1. Indien de maatschap eindigt bestaat een recht tot voortzetting van het bedrijf van de maatschap en wel door de overblijvende maten. 
  2. Het recht van voortzetting houdt in om de activiteiten van de maatschap onder dezelfde naam voort te zetten, onder de verplichting (tevens een recht) alle tot het maatschapsvermogen behorende vermogensbestanddelen over te nemen dan wel te laten toedelen en de schulden voor zijn rekening te nemen alsmede aan de gewezen maat of diens rechtsopvolgers in geld uit te keren de waarde van diens aandeel in dit vermogen, een en ander conform het bepaalde in artikel 15 (Financiële gevolgen bij voortzetting). 
  3. De maten geven elkaar over en weer reeds nu voor alsdan onherroepelijk volmacht om het recht van overneming te effectueren, zowel door juridische als door feitelijke overdracht. De volmacht eindigt niet bij overlijden. Bij niet meewerken (voor zover nog nodig) of poging tot herroeping van bedoelde volmacht door de niet voortzettende maat, verbeurt deze ten behoeve van de voortzettende maat een direct opeisbare boete van € 5.000,-- te vermeerderen met € 1.000,-- voor elke dag dat de niet voortzettende maat of diens rechtsverkrijgers in gebreke blijven, onverminderd alle acties tot nakoming en tot vergoeding van alle verder door de voortzettende maat geleden schade.
  4. De boekhouding van de maatschap blijft in geval van voortzetting van onderneming bij de voortzettende maten en in geval van liquidatie van de onderneming bij de oudste maat. De maat die de boekhouding in bewaring heeft, is verplicht aan de andere maat respectievelijk diens erfgenamen of rechtverkrijgenden inzage van de boekhouding te geven, voor zover zulks nodig is voor de administratieve afwikkeling van de zaken van de andere maat.

 

Artikel 15. Financiële gevolgen bij voortzetting

  1. Indien de voortzettende maat van zijn in artikel 14 (Voortzetting, overname en verblijven) genoemde voortzettingsrecht gebruik maakt, verbindt hij zich om het creditsaldo van de kapitaalrekening van de gewezen maat, haar aandeel in de winst respectievelijk het verlies alsmede haar aandeel in de waarde van de maatschap, rekening houdend met de door voortzettende maat overgenomen verplichtingen, uit te betalen aan de gewezen maat dan wel aan diens rechtverkrijgende(n). 
  2. Om het door de voortzettende maat verschuldigde bedrag te bepalen, wordt een slotbalans opgemaakt volgens de bepalingen van artikel 13 lid 3 (Einde van de maatschap).
    Uitbetaling aan de gewezen maat vindt plaats binnen een maand na het verstrekken van het overzicht van de kapitaalrekening vabn de uittredende maat.
  3. Op de in lid 13 lid 3 genoemde slotbalans, die slechts dient als afrekeningbasis, zullen de activa, waaronder de goodwill en de passiva van de maatschap worden gewaardeerd tegen de waarde in het economisch verkeer.
  4. De voortzettende maten zullen tegenover de gewezen maat dan wel zijn rechtverkrijgende(n) verplicht zijn om hem of hen te vrijwaren tegen elke aanmaning wegens ten tijde van beëindiging van de maatschap bestaande schulden van de maatschap.
  5. Indien de kapitaalrekening van de gewezen maat bij beëindiging van de maatschap een debetsaldo aangeeft, dient dit saldo binnen twee maanden na beëindiging van de maatschap door de betrokken maat dan wel door de rechtverkrijgende(n) te worden aangezuiverd, een en ander met berekening van de in lid 5 bedoelde rente vanaf de dag van de beëindiging tot die der algehele voldoening.

 

Artikel 16. Einde van de maatschap gevolgd door liquidatie (ontbinding)

  1. Ingeval van beëindiging van de maatschap zal zo spoedig mogelijk tot vereffening van de onderneming van de ontbonden maatschap worden overgegaan en wel:
  1. door het bestuur ingeval van beëindiging krachtens een daartoe aangegane schriftelijke overeenkomst tussen beide maten;
  2. door het bestuur ingeval van beëindiging, terwijl geen gebruik wordt gemaakt van het recht van voortzetting
  1. Tijdens de vereffening blijven de bepalingen van deze overeenkomst zoveel mogelijk van toepassing.
  2. Na de liquidatie heeft ieder der gewezen maten volstrekte vrijheid tot het uitoefenen van een onderneming op het gebied van de voormalige maatschap, doch geen van hen dan wel hun rechtverkrijgende(n) is dan gerechtigd de (handels-)naam van die maatschap te blijven voeren.

 

Artikel 17. Geschillen

  1. Indien de maten een geschil hebben, zullen zij zich ter beslechting van het geschil wenden tot een commissie van drie deskundigen of, indien de beide maten het erover eens zijn dat één deskundige voldoende is, door één deskundige aan te wijzen door de maten in onderling overleg. Bij gebreke van overeenstemming zullen partijen ieder binnen 4 weken één deskundige aanwijzen. Deze aldus benoemde deskundigen wijzen binnen 2 weken gezamenlijk een derde deskundige aan. Bij gebreke van overeenstemming omtrent de persoon van deze derde wordt deze op verzoek van de meest gerede partij benoemd door de president van de rechtbank Amsterdam.
  2. De commissie van deskundigen c.q. de benoemde deskundige zal ter beslechting van het advies een bindend advies afgegeven aan partijen. De commissie c.q. de deskundige zal bij het geven van haar advies in de eerste plaats rekening moeten houden met de belangen van de maatschap. Zij zal geen beslissing mogen nemen waarbij van de grondslagen van hetgeen tussen partijen is overeengekomen wordt afgeweken, tenzij zij meent, dat redelijkerwijze geen andere beslissing in aanmerking komt. Zij bepaalt ten laste van welke partij of voor welk deel ten laste van iedere partij haar kosten worden gebracht, dan wel of haar kosten geheel of ten dele door de maatschap behoren te worden gedragen.
  3. Partijen verbinden zich om hun medewerking te verlenen om de commissie c.q. de benoemde deskundige toegang te verschaffen tot de kantoren en andere lokaliteiten van de maatschap, teneinde zich aldaar de kasgelden en andere geldswaarde van de maatschap te doen vertonen, inzage te nemen van alle boeken, registers, documenten en bescheiden der maatschap en zich over alle plaats gehad hebbende handelingen te doen inlichten. Partijen zullen persoonlijk aan de commissie c.q. de benoemde deskundige alle verlangde inlichtingen verstrekken.
  4. De commissieleden zullen met inachtneming van hetgeen tussen partijen is overeengekomen en naar redelijkheid en billijkheid uitspraak doen. Zij zullen zelf de procesorde regelen. Zij kunnen adviezen van derden inwinnen, doch altijd na voorafgaand overleg met de maatschap over de kosten van deze derden. De commissie zal zo spoedig mogelijk nadat haar om advies gevraagd is uitspraak doen in hoogste ressort en deze uitspraak binnen één week na de uitspraak schriftelijk aan alle partijen en de maatschap mededelen. De commissie zal geen uitspraak doen voordat zij alle partijen heeft gehoord, althans behoorlijk heeft opgeroepen.
  5. Partijen verbinden zich thans reeds over en weer om te handelen conform het afgegeven bindend advies. Indien een partij deze verplichting niet nakomt, zal deze, zonder dat nadere sommatie of ingebrekestelling vereist is, ten behoeve van de andere partij een zonder rechterlijke tussenkomst onmiddellijk opeisbare boete verbeuren van € 5.000,-- vermeerderd met € 1.000,-- voor iedere dag dat zulke overtreding voortduurt, zulks onverminderd de overige rechten van de andere partij waaronder doch niet beperkt tot het recht op vergoeding van schade die het uitgekeerde boetebedrag mocht overtreffen.

 

Artikel 18. Onverbindende bepalingen

Indien één of meer bepaling(en) van deze overeenkomst in rechte onverbindend wordt(en) verklaard of om welke reden dan ook anderszins onverbindend mocht(en) blijken te zijn, zal daardoor de geldigheid van de overige bepalingen van de overeenkomst niet worden aangetast. In een dergelijk geval zullen partijen in overleg treden teneinde de niet-verbindende bepaling(en) te vervangen door een bepaling(en) die wel verbindend is (zijn) doch die zo min mogelijk afwijkt(en) van de onverbindend geachte bepaling(en), mede gelet op het doel en de strekking van die bepaling(en) en van de overeenkomst.

 

Artikel 19. Kosten

De kosten van deze overeenkomst komen voor rekening van de maatschap.

 

Artikel 20. Overige bepalingen

  1. Wijzigingen van en aanvullingen op het bepaalde in deze overeenkomst kunnen slechts rechtsgeldig geschieden door een door beide partijen ondertekende schriftelijke overeenkomst, welke aan deze maatschapsovereenkomst wordt gehecht en wordt geacht hiervan een onlosmakelijk deel te vormen.
  2. Overal waar in deze overeenkomst ‘hij/hem’ wordt vermeld dient ook gelezen te worden ‘zij/haar’.
  3. Op deze overeenkomst is Nederlands recht exclusief van toepassing.

 

Aldus overeengekomen, in tweevoud opgesteld en op iedere pagina geparafeerd, te op

  .

Leave this empty:

Signature arrow
Signature Certificate
Document name: Maatschapscontract
lock iconUnique Document ID: 9662284cda27b78de5a1a0de9da3029040177048
Timestamp Audit
July 29, 2020 2:40 pm CESTMaatschapscontract Uploaded by Patrick Groen - support@redcabs.nl IP 77.170.107.70